
Tijdens de eerste jaren van de elfde eeuw, gaf de graaf Bernard Aton Trencavel opdracht voor de bouw van een nieuwe verblijfplaats ter vervanging van het oorspronkelijke grafelijke kasteel, dat volgens de historische traditie gevestigd was op de plek waar zich nu de torens van de Narbonnaise poort bevinden. Het zogenoemde palatium werd opgetrokken op de westelijke punt van de rotsuitloper en aangebouwd tegen de oude ringmuur en drie van de torens ervan, de Chapelle, Poudre en Pinte torens, die eveneens opgehoogd werden. De grafelijke woning omvat een vierkante slottoren die statig boven de twee hoofdgebouwen uitrijst. Eén van de hoofdgebouwen ligt op het westen en de andere, in L-vorm, ligt op het oosten en bevat slechts één verdieping voorzien van een gekantelde borstwering waarvan de sporen nog steeds zichtbaar zijn in het metselwerk.
Met de bouw van de Sainte-Marie kapel aan de noordzijde, verkreeg het kasteel rond 1150 een U-vormige structuur rond een binnenplaats die vermoedelijk aan de oostkant met een hekwerk in de vorm van een palenschutting werd afgesloten.
Aan het einde van de twaalfde of in het begin van de dertiende eeuw, werd de gewelfde zaal van de slottoren versierd met een muurschildering, voorzien van een dierenstrook en een afbeelding van het gevecht tussen Frankische en Saraceense ridders, hetgeen erop kan duiden dat de graaf Bernard Aton deelgenomen heeft aan deze strijd.

In de jaren die volgden op de instelling van het koninklijke rechtsgebied van de seneschalk, tussen 1228 en 1239, werd er een nieuw vestingwerk rond het kasteel aangelegd. Een ringmuur bedekt met kantelen en voorzien van ronde torens, uitgerust met schietgaten vormt een omtrek rond de hoofdgebouwen van 80 m bij 40m. Een poort met aan weerszijden een toren aan de oostkant, alsmede een voor karren geschikte poort aan de westkant bewaakten voortaan de toegang tot het kasteel.
De instelling van een koninklijk garnizoen vanaf 1242 vereiste een uitbreiding van het kasteel: de hoofdgebouwen kregen er een verdieping bij en tegen de zuidelijke muur van het kasteel werd een nieuw gebouw opgetrokken waarvan de overblijfselen nu nog zichtbaar zijn op de plaats waar zich thans de “Cour du Midi” bevindt. Dankzij de stenen basis van een zuilenrij op de begane grond en een kruisraam dat in de veertiende eeuw aan de verdieping werd toegevoegd, kunnen we ons een voorstelling maken van de imposante omvang van de feestzaal en de woonvertrekken. De beveiliging aan onder andere de oostkant werd voltooid met een droge slotgracht en een halfrond ravelijn voorzien van kantelen en een schanspoort.
Site Officiel de l'Office de Tourisme et de la ville de Carcassonne - www.carcassonne.org
Site Officiel de l'Office de Tourisme et de la ville de Carcassonne - www.carcassonne.org